fisj

Betekenis: vis.

Ā«Gefilte fisjĀ» of Ā«gefillte fischĀ» (Jiddisch: געפילטע פיש) (uit te spreken als gefielte fiesj) is een traditioneel Asjkenazisch-Joods sjabbatgerecht. Gefilte fisj is een Jiddische benaming, letterlijk vertaald betekent het Ā«gevulde visĀ».

jodenkoek

Betekenis: platte koek van zandgebak van zo’n 10 cm in diameter.

Varianten: jodekoek; odekoek.

De term Ā«odekoekĀ» komt voort uit een gevalletje doorgeschoten woke-heid van het oudste en bekendste jodenkoekenmerk Davelaar.

Bekende en representatieve Joodse Nederlanders zoals Ronny Naftaniel, Ronit Palache en Birgitta van Blitterswijk spraken zich uit tegen de naamsverandering.

Davelaar wilde hier waarschijnlijk een slaatje slaan uit de deugneuzenmarketing van de fabrikanten van voorheen de Ā«negerzoenĀ», de Ā«moorkopĀ» en Ā«zigeunersausĀ», door dit na te doen. Omdat het woord Ā«joodĀ» door niemand als beledigend wordt ervaren slaat Davelaar hiermee de plank volledig mis.

guillotinemolen

Betekenis: een zware bakstenen bergmolen in de Belgische deelgemeente Balegem.

De molen kreeg zijn naam toen bij de bouw iemand door een slag van de wieken zou zijn onthoofd. Toen de molenbouwer in 1798 aan het werk was, kwam een Balegemnaar naar de werken kijken. Toen de man nieuwsgierig in en rond de molen paradeerde, werd hij dodelijk geraakt door een van de wieken.

De molen wordt ook wel ‘Grote Kucher’ genoemd maar die naam is minder bekend.

Grote Kucher
Foto: Paul Hermans – Own work, CC BY-SA 3.0
Ga naar de inhoud